De werkvorm ‘Denken’

De Denker

De Denker van Rodin

Hoe vaak denk jij per uur, per dag, per week? Hoeveel tijd besteden we aan nadenken over ons werk, privéleven of studie? En hoeveel tijd gunnen we elkaar om te denken?

Leerstijl

Als ik een test voor de leerstijlen van Kolb invul, dan kom ik zeker uit op de ‘Doener’. Of in het jargon van Vermunt, de ‘Toepassingsgerichte stijl’. En volgens de Belbin groepsrollentest blijk ik een ‘Bedrijfsman’. Ondanks dat ik nog geen doorslaggevend bewijs heb gevonden voor leerstijlen of geloof in het resultaat van elk internettestje, zie ik toch een trend. Ik ben een aanpakker, ik houd van uitdagingen en ik probeer nieuwe ideeën liever gelijk uit dan dat ik er lang over nadenk.

Mede daardoor zit m’n hoofd vol ideeën, plannen, kortlopende acties en lange termijn strategieën. Met elk idee waar ik blij van word ga ik aan de slag, lange termijn ideeën schrijf ik ergens op. Als ik kijk naar de lessen en trainingen die ik ontwerp, dan viert ‘het doen’ de boventoon. Lezen en nadenken is verplaatst naar thuis achter de computer en in de groep gaan we aan de slag. Lekker activerend, gelijk toepassen van de theorie, oefenen en de dag vliegt voorbij.

Zaag

Abraham Lincoln zei ooit: “Als ik acht uur zou hebben om een boom om te hakken, zou ik zes uur besteden aan het slijpen van de zaag.” Niet echt een uitspraak van deze tijd misschien, maar wel iets om (jawel) over na te denken. Eigenlijk heb ik de werkvorm ‘nadenken’ nooit echt overwogen in mijn lessen. Met alle werkvormen die ik gebruik vorm ik het denken en duw ik de studenten een bepaalde denkrichting in, maar laat ik ze echt nadenken?

Een tijd terug mocht ik meedoen aan een Socratisch gesprek. Dat was best een eyeopener! Waar ik normaal op het puntje van mijn stoel zit om mijn zegje te doen, was de actie nu luisteren, samenvatten en dan pas je zegje doen, zonder in discussie te gaan met de andere sprekers. Kortom, de taak was: nadenken, en wat gebeurde er? Ik kwam tot diverse nieuwe inzichten en ontdekkingen over mijzelf en mijn groepsgenoten.

Denken in de trein

De afgelopen weken heb ik veel met de trein gereisd, de ultieme plek om even lekker Facebook te checken, appjes te sturen en een foto te uploaden. Ik was niet de enige met dat idee, 90% van de mensen die ik zag in de trein of op het perron, keken naar hun beeldscherm. Is dat erg? Geen idee, sommige onderzoeken zeggen van wel, anderen kunnen niets aantonen. Op het moment dat ik de telefoon weg moest leggen, omdat de batterij leeg was, viel mij op hoe mooi het buiten is en hoe lekker het is je gedachten even de vrije loop te laten.

Cocoonen

De nazomer is zo ongeveer voorbij en de tijd van knus binnen ‘cocoonen’ komt er weer aan. Tijd om over het jaar na te denken en nieuwe plannen te maken? Misschien houd ik het deze keer alleen bij denken. Er zit zoveel in mijn hoofd, daar hoeft even geen nieuw plan meer bij. Liever ga ik wat meer de diepte in. Eén actie zet ik wel op mijn ‘to do – list’: de werkvorm denken toevoegen aan mijn blended lesontwerpen. Wat gaat er gebeuren als ik de cursisten een half uur laat nadenken? In een Socratisch gesprek, of alleen? Zonder beeldscherm, pen, post-its en andere afleiders?

Ik ga het gelijk uitproberen! Oh . . . weer een actie, ik ben hardleers, maar ik ga het toch doen, denk ik.

Flipping the Classroom nog steeds heel relevant!

Een blog over Flipping the Classroom? Is dat niet allang geweest en afgedaan? Volgens de blogger van DWVDO in ieder geval wel: `Flipping the Classroom is voorbij´. Als je deze blog leest, neem je wellicht de moeite om naar beneden te scrollen om daar te lezen dat ik het in ieder geval niet eens ben met de blogger.

De werkvorm Flipping the Classroom is inmiddels ‘al’ acht jaar oud, maar nog steeds heel waardevol. In deze infografic van Kennisnet wordt goed uitgelegd wat ‘Flipping’ is en hoe het toegepast wordt in het onderwijs.

Een veelgehoord probleem is de technische kant van deze werkvorm. Hoe maak je nu makkelijk en snel goede filmpjes en hoe maak je ze interactief? Hieronder heb ik een lijstje gemaakt van tools die je hiervoor kan gebruiken. Maar voordat je gelijk gaat klikken en proberen, wil ik eerst nog even een stapje terug doen. Het is namelijk lang niet altijd nodig je eigen video te maken. Er staat al zoveel online en vaak beter dan jij het zelf kan maken! En ook die filmpjes kan je interactief maken met onderstaande tools.

Zoek, zoek, zoek . . .

Het is niet perse nodig om zelf urenlang te zoeken naar de perfecte video. Laat jouw studenten dit doen met een goede zoek- en selectie opdracht als huiswerk. Hiermee sla je twee vliegen in een klap. Studenten leren beter en gerichter online zoeken en zien verschillende filmpjes over het gekozen onderwerp. In de les kan je er een aantal bekijken en met de klas de beste kiezen. Later kan je deze video gebruiken in een meer traditionele ‘Flip’.

Werkvormen met video

Video kan ook ingezet worden om studenten op het goede spoor te brengen en dan uit te dagen verder te denken en ontwikkelen. Bijvoorbeeld door een thema ter discussie te stellen en het filmpje te eindigen met een uitdaging aan de studenten om met argumenten te komen. Of door een belangrijk onderdeel van de instructie in een filmpje over te slaan en studenten te vragen hierover zelf een filmpje te maken. Of als creatieopdracht, bijvoorbeeld door een probleem te presenteren en de studenten te vragen dit op te lossen. Flipping the Classroom is meer geworden dan het verplaatsen van hoorcolleges naar kennisclips. Het kan ingezet worden als interactieve tool die opdrachten kan geven en verrijken.

Tools

Hieronder de lijst met tools die je kan gebruiken om Flip the Classroom mogelijk te maken. De opties per tool zijn heel verschillend en een aantal kunnen veel meer dan alleen filmpjes maken. Van de meeste tools is een gratis, eenvoudige, versie beschikbaar. Sommige tools zijn gratis voor het onderwijs.

Tool
Screencast
Video embedden
Bewerken
Interactie
Learning analystics
Screen-cast-o-matic
Ja
Nee
Beperkt
Nee
Nee
Powerpoint (opnemen)
Ja
Ja
Redelijk
Nee
Nee
Insert Learning (Chrome)
Ja, en nog veel meer
Ja
Nee
Ja
Nee
Ed Puzzle
Nee
Ja
Content toevoegen kan
Ja
Ja
PlayPosit
Nee
Ja
Content toevoegen kan
Ja
Ja
Camtasia
Ja
Nee
Ja, zeer uitgebreid
Nee
Nee
Quicktime (alleen voor Apple)
Ja
Nee
Zeker!
Nee
Nee
Screencastify
Ja
Nee
Beperkt
Nee
Nee

En dan nog twee sites waar je eenvoudig animatiefilmpjes kan maken. Deze vorm van video kan heel leuk en verfrissend zijn, maar is niet voor alle onderwerpen en instructies geschikt. Animatie wordt makkelijk te oppervlakkig en flauw. Je kan in ieder geval even kijken bij:

Vyond (voorheen GoAnimate) & Powtoon

Net als met alle werkvormen die ingezet kunnen worden in een blended lesontwerp, vraagt de inzet van ‘Flipping the Classroom’ om een goede aansluiting op de leerdoelen, doelgroep en de vakinhoud. Maak daarom voordat je filmpjes gaat maken, cureren of aanpassen eerst een goed blended ontwerp, zodat de kans op een succesvolle ‘Flip’ het grootst is!

Les geven met een e-book: The road to succes?

https://www.edumundo.nl/

Voorbeeld e-book Edumundo

En dan ga je met een e-book aan de slag in de les. Studenten lezen op hun device het boek, bekijken aanvullende filmpjes en lezen een verdiepend interview. Afsluitend maken ze individuele opdrachten. Het staat allemaal online, in een mooie omgeving, ideaal. Ze zijn voorbereid, hebben op hun favoriete medium kunnen studeren en dan komen ze naar mijn les.

E-Book

De afgelopen twee jaar heb ik les gegeven uit het e-book ‘Branding & Positionering’ van Boumans en van der Vorst, uitgegeven door Edumundo. Een goed boek, in een mooie online omgeving, altijd up to date en met een dashboard waarin ik kan zien wat mijn studenten doen. Wat een luxe, ik kan zien wat mijn studenten doen! Hoe lang ze lezen, wat ze lezen en hoe ze de opdrachten maken. Die learning analytics zijn toch wel een groot voordeel van leren online organiseren. Helaas zie ik ook dat de studenten helemaal niet lang bezig zijn met het boek, de opdrachten matigjes maken, kortom, zich er makkelijk vanaf maken. En dan komen ze naar mijn les.

Online vs gedrukt

Het grote voordeel van een e-book is dat het in een medium is gemaakt dat veel meer mogelijkheden biedt dat een gedrukt boek. Een e-book kan interactief, met beeld en geluid, ingericht worden. Het is makkelijk aan te vullen met actuele voorbeelden, linkjes naar relevante artikelen en biedt mogelijkheden voor online samenwerken. Het grote nadeel is dat studenten (blijkt uit onderzoek), minder goed leren van scherm dan van papier. Ook is het moeilijker overzicht over de stof te krijgen in een digitale omgeving, wat staat waar en waar was ik ook al weer gebleven? Een derde probleem is hoeveel stof je online kan aanbieden. In een boek is het makkelijker een model uitgebreid toe te lichten met veel tekst en plaatjes. Online veel lezen is niet ideaal, maar er kunnen wel filmpjes gebruikt worden. Aldus voorbereid komen ze naar mijn les.

In de les

In mijn dashboard heb ik gezien dat 70% van mijn klas zich redelijk heeft voorbereid. Ik heb de antwoorden op de vragen geïnventariseerd en vastgesteld wat wel en niet begrepen is. Ik heb sheets gemaakt om de moeilijke gedeeltes van de stof extra toe te lichten kortom, ik ben er klaar voor!

De eerste tien minuten van de les gaan op aan een klaagzang over wat wel en niet werkt in het e-book. De meeste problemen zijn minimaal en de helpdesk achter het e-book werkt prima, als studenten tenminste de moeite nemen die even te contacten. Overduidelijk moeten de studenten wennen aan deze nieuwe vorm van studeren.

Vervolgens moet ik toch aanhangig maken dat 30% van de aanwezigen hun werk niet heeft gedaan. Zonder in discussie te gaan over de reden van hun online afwezigheid, stel ik voor dat deze groep wel mee mag doen met het theoretische gedeelte van de les, maar tijdens het bespreken van de opdrachten deze elders moeten gaan maken. Onder enig gemor gaat de groep akkoord.

Nu aan de slag met de sheets. Ik verduidelijk de genoemde modellen in het boek en probeer de relevantie ervan uit te leggen. Ook heb ik nieuwe voorbeelden gezocht om een model daarop los te laten. Tot mijn schrik blijkt dat bijna niemand het model echt kan toepassen in een nieuwe situatie, maar ze hebben de stof toch gelezen en de opdrachten gedaan? Ter plekke besluit ik een deel van het e-book te herhalen in de les: Ik zet ze achter hun device, laat ze de stof weer lezen en toepassen op mijn case. Lopend door de klas geef ik feedback en uitleg. Uiteindelijk heb ik geen tijd meer om de opdrachten te bespreken, of de 30% studenten die niets hebben gedaan weg te sturen. Het zweet staat mij op de rug en van verdiepend lesgeven bovenop het e-book is vandaag geen sprake geweest.

Reflectie op de les en onderwijsvorm

Deze lesbeschrijving is van een jaar geleden, uiteraard was ik niet tevreden over hoe de les verliep en de rol van de studenten hierin. Werken met een e-book heeft mijn inziens grote meerwaarde, maar het vraagt wel de nodige verandering van het lesontwerp. Samen met de schrijvers van het e-book is een nieuw lesontwerp gemaakt dat de lessen zinvoller en meer verdiepend heeft gemaakt. De lessen zijn helemaal project gestuurd geworden. Door geen theorie meer uit te leggen in de les, maar studenten met hun eigen project aan het werk te zetten, wordt er veel intensiever met de modellen en theorie gewerkt. De theorie staat immers prima uitgelegd in het boek, studenten moeten echter de moeite nemen om goed te lezen en toe te passen.

Het klassikale gedeelte van de les bestaat nu uit een korte terugkoppeling van de learning analytics, uitleg over de structuur van de les en tijd voor studentvragen. Hierna gaan de projectgroepen aan de slag. Ik volg ze online en via korte consults. Aan het einde van de les haal ik iedereen nog even bij elkaar om samen te vatten wat we hebben gedaan en waar de leerpunten nog liggen. Om dit mogelijk te maken zijn de bijeenkomsten twee keer zo lang geworden (drie klokuur) en ook dusdanig ingeroosterd.

Online leren impliceert een zekere mate van zelfredzaamheid en vaak ook meer begrip van de stof. Mijn ervaring is dat dit, zeker in het begin, intensief begeleid moet worden door de docent. Net als dat docenten zoeken naar de beste blended lesvormen, zoeken studenten naar de beste blended leervormen. Door dit met studenten te bespreken kan al veel gewonnen worden, zij kunnen goed uitleggen wat wel en niet werkt voor hen en waarin ze nog kunnen ontwikkelen. Werken met een e-book is een flinke transformatie en vraagt echt andere lessen. Met ons nieuwe lesontwerp is het vak Branding & Positionering een succes, stijgt de studentwaardering en sta ik weer relaxed in de klas!

Online tools nader bekeken: Socrative in diverse werkvormen

Als je een blended lesontwerp maakt, dan is het handig om te weten wat er allemaal kan, van werkvormen tot online tools. Daarom leg ik in deze blog/vlog uit hoe je de tool Socrative slim kan inzetten in de les. Ik beschrijf een aantal werkvormen waarin Socrative gebruikt wordt en ik heb een filmpje gemaakt met uitleg over waar je moet klikken.

Wat is Socrative

socrativeOp de site www.socrative.com staat het volgende: ‘Socrative is your classroom app for fun, effective classroom engagement. No matter where or how you teach, Socrative allows you to instantly connect with students as learning happens.’ Wat de app kan is makkelijk en snel quizjes afnemen in én buiten de klas op elk soort device (laptop, mobiel, tablet). Daarnaast kan de docent meekijken met de resultaten en deze makkelijk terugkoppelen aan de groep of een individu.

Leerdoelen en Socrative

Deze tool gebruik ik om voorkennis te activeren en om te toetsen of studenten de aangereikte stof hebben begrepen. Als we dit koppelen aan de taxonomie van Bloom (zie ook mijn vorige blog) dan zijn we bezig op de niveaus van onthouden, begrijpen en een beetje toepassen. Wat het werken met deze tool leuk maakt is de mogelijkheid om een zekere competitie in de klas te creëren, ofwel er een spelletje van te maken. Vorige week heb ik tijdens een presentatie over het puberbrein geleerd dat bij jongeren tot 23 jaar het ‘spelende brein’ een belangrijke rol speelt bij het activeren van het leren.

Tutorial ‘Hoe werkt Socrative?’

Werkvormen met Socrative


Warming Up

Doel van de werkvorm: Voorkennis activeren
Moment: Aan het begin van de les
Tijd: 15 minuten
Groepsvorm: Individueel

Voorbereiding: Maak in Socrative (zie fimpje) 10 tot 15 vragen over de stof waarvan je de voorkennis wil activeren, bijvoorbeeld lesstof uit een eerdere periode of relevant vakgebied. Je kan ook persoonlijke voorkennis activeren, door vragen te stellen over waar de student nu staat, wat zijn mening is over een onderwerp of welke plannen hij heeft.
Afhankelijk van het onderwerp dat je kiest kan je meerkeuze-, ja/nee vragen of open vragen stellen. Het nadeel van open vragen is wel dat deze moeilijk automatisch na te kijken zijn, daarom zijn ze minder geschikt voor deze werkvorm.

Werkwijze: Vraag de studenten hun boeken weg te leggen, laptop dicht te klappen en smartphone erbij te pakken. Vraag ze naar www.socrative.com te gaan en dan te kiezen voor ‘student login’ en jouw ‘roomname’ (zie filmpje) in te vullen. Hierna vullen ze hun eigen naam in en maken ze de quiz. Via ‘results’ kan jij de voorgang van de quiz zien. Als iedereen alle vragen heeft beantwoord bespreek je klassikaal de resultaten.

Wat levert het op:

  • Studenten vinden het leuk om testjes en quizjes te doen, zeker als dat op de telefoon kan.
  • Iedereen is ‘geland’ in jouw klas en onderwerp, waardoor er meer focus en interesse ontstaat.
  • Je hebt inzicht gekregen in wat de voorkennis van de studenten is, en je kan het verloop van de les daaraan aanpassen.
  • Je kan ervoor kiezen om werkgroepjes te maken aan de hand van de resultaten. Bijvoorbeeld als je vragen hebt gesteld over een interessegebied of hoe ver ze zijn in een bepaald project.

Cooling Down

Doel van de werkvorm: Begrip toetsen
Moment: Aan het einde van de les
Tijd: 10 minuten
Groepsvorm: Individueel

Voorbereiding: Maak in Socrative 10 tot 15 vragen over de stof die je in de les hebt behandeld.

Werkwijze: Gebruik de laatste 10 minuten van de les om studenten de quiz te laten maken over de stof van die les. Je stelt de quiz in op ‘instant feedback’ (zie filmpje), hierdoor bepaalt de student hoe snel hij door de vragen gaat. Als alle vragen zijn beantwoord mag de student weg, er is dan geen centrale afsluiting van de les. Je bespreekt de antwoorden op dit moment niet na. De volgende les start je met het bespreken van de antwoorden van de quiz. Je hebt dit uiteraard vooraf al bekeken en je les zo ingericht dat je dat deel van de stof van de vorige les, dat niet goed is begrepen kan herhalen en aanvullen.

Wat levert het op:

  • Je geeft studenten de mogelijkheid om zelf te toetsen of zij de stof begrepen hebben.
  • Je creëert een stukje vrijheid en autonomie door studenten zelf te laten bepalen wanneer ze uit de les weg gaan.
  • Je krijgt inzicht in het leerrendement van de les.
  • De volgende les kan je met de resultaten voorkennis activeren, herhalen en moeilijk gebleken stof nogmaals uitleggen.

Space Race I

Doel van de werkvorm: Kennis en begrip toetsen & activeren
Moment: In de laatste les van een blok/onderwijsperiode/leerroute
Tijd: 30 minuten
Groepsvorm: Groepjes van 4 of 5 studenten

Voorbereiding: Maak in Socrative 20 tot 30 vragen over de stof die je de afgelopen periode hebt behandeld. Je kan deze quiz zien als een oefententamen. Zet vervolgens de quiz klaar als Space Race, dit is een handige spelvorm van Socrative waarin je studenten als groep laat inschrijven en dus ook als groep de vragen moeten beantwoorden.

Werkwijze: Kies een goed moment in de les om de Space Race te spelen, dit levert de nodige onrust en energie op, dus wellicht na een kort hoorcollege of film. Vraag de studenten om groepjes te maken. Als je de quiz klaarzet bepaal jij al het aantal groepen, de groepsgrootte en zie je welke kleuren er zijn. Zet de kleurkeuzes op het bord, of verdeel ze zelf onder de groepjes. Zet eventueel een timer neer om de groepjes te dwingen binnen de tijd te antwoorden en speel de quiz. Hierna kan je een winnaar uitroepen en de vragen nabespreken.

Wat levert het op:

  • Een leuk energiek spel waarbij alle studenten zich betrokken voelen.
  • Groepsgesprekken over de stof.
  • De mogelijkheid om moeilijke stof nogmaals te behandelen.

Space Race II

Deze werkvorm kent nog een variatie:
Laat de studenten zelf de vragen van de Space Race maken als huiswerk. Deze vragen mailen ze (ruim) voor de les naar de docent. De docent controleert de vragen en zet ze in Socrative, in het filmpje leg ik uit hoe je dit snel en makkelijk kan doen. Vervolgens verloopt de werkvorm zoals hierboven beschreven.

socrativeIn de week voor het tentamen kan je deze quiz, met vragen over alle behandelde stof, opnieuw open zetten in Socrative, maar dan als ‘gewone’ quiz. Studenten kunnen dan thuis inloggen en de quiz individueel maken als tentamentraining. Dit kan je ook doen met de (samengevoegde) korte quizjes uit de andere werkvormen. Belangrijk is dat je de voorwaarden van de quiz zo instelt als op deze afbeelding. Dan bepaalt de student het tempo en krijgt hij direct feedback op de antwoorden.

Succes!! Ik hoor graag hoe het is gegaan en als je een andere werkvorm wil delen!